donderdag 15 december 2011

Lot; het verleden laat je niet los van Tineke Beishuizen

Tineke Beizhuizen, columniste van Libelle, bekend van Anne-Wil is in 2005 begonnen met het schrijven van thrillers.(Als zand door mijn vingers)
Ook deze roman leest weer als een trein. Nadat de moeder van Lot is overleden gaat ze op zoek naar haar vader. Haar moeder heeft de persoon van haar vader altijd geheim gehouden.
Tijdens haar speurtocht komt Lot nog meer vragen tegen en er blijken meerdere misdaden met haar moeders verleden in verband te staan.
Aanrader voor lezers die van nederlandstalige thrillerschrijfsters houden
Auteur: Tineke Beishuizen                                                                          
Titel: Lot; het verleden laat je nooit los
Uitgeverij:Mistral
Jaar van uitgave: 2011
Blz: 195 blz.
Isbn: 9789049952341 (ms)




vrijdag 9 december 2011

Het gym van Karin Amatmoekrim




Een Surinaams meisje, dochter van een bijstandsmoeder uit een achterstandswijk, gaat naar een rijkeluisgymnasium en moet zich daar zien te handhaven.

Het boek is autobiografisch. Karin Amatmoekrim (Paramaribo, 1977) is geboren uit een Javaanse moeder en Chinees-Creools-Indiaanse vader. Na het Gymnasium studeerde ze af aan de UvA als Letterkundige. Ze woont momenteel in Amsterdam. In 2004 debuteerde ze met Het knipperleven (Uitgeverij 521), dat lovend werd ontvangen door pers en publiek. Het boek werd omschreven als een existentialistische bildungsroman, waarin Amatmoekrim zonder reserves onderwerpen als eenzaamheid en dood aanpakte.

Recensie NRC:

NRC/Handelsblad: ‘Het gym is een lichtvoetige en geestige roman. Het aangenaam luchtige zit vooral in de heldere, spreektalige zinnen en in de trefzekere dialogen. Als Sandra, op aandringen van haar vriendinnen, auditie doet voor het schooltoneel, omdat dat ‘ab-so-luut onmisbaar’ zou zijn voor haar ontwikkeling, krijgt ze een rol toegewezen in een eigentijdse versie van Faust. Dan roept ze verschrikt uit; ‘Tering, ik ben god.’

Haar grote voorbeeld op school is de leraar Nederlands. Hij maakt geen onderscheid tussen rang of stand en trekt niemand voor. Als hij tegen haar zegt dat ze schrijftalent heeft, voelt ze zich voor het eerst in haar leven machtig. Zij kan iets dat alleen van haar is, en dat niets te maken heeft met onbetaalde rekeningen of met de lapzwans die zich haar vader noemt. Ze leest dan met nog meer aandacht de sombere boeken waar de leraar zo van houdt; ‘Boeken over jongemannen die opgroeiden. En dat het dan allemaal tegenviel.’ Het gym gaat over een jong meisje dat opgroeit. En ook haar valt het vaak tegen. Het aardige van dit boek is vooral dat Sandra geen typetje is geworden. Ze is geen woordvoerster van een belangengroepering, maar een kwetsbare, onzekere puber, die het allemaal niet zo goed weet. Amatmoekrim portretteert hier een ontheemde die steeds opnieuw tussen wal en schip valt. Ze is nooit helemaal Nederlands geworden, maar ze is ook niet echt meer Surinaams. Geen slet, maar ook geen nerd. Geen anita of sjonnie, maar ook geen zelfverzekerde gymnasiast. (…) Amatmoekrim kiest hier, zou je kunnen zeggen, voor een dubbel paspoort, een dubbele identiteit. Ze staat niet toe dat Sandra ‘een bruine kakker’ wordt - iemand die achterstandswijk en gymnasium soepeltjes met elkaar weet te combineren. Om haar heldin scherp te houden, zal ze moeten lijden.

Auteur: Karin Amatmoekrim
Titel: Het gym
Uitgeverij: Prometheus
Jaar van uitgave: 2011
Blz:’ 255 p
Isbn: 9789044617191(ms)

zondag 27 november 2011

De verzonken jongen van Jan Vantoortelboom

Jan Vantoortelboom (1975) is opgegroeid in het Belgische Elverdinge, waar De verzonken jongen zich afspeelt. Hij woont momenteel in Zeeland waar hij docent Engels is aan de Hogeschool Zeeland in Terneuzen.
Voor zijn debuutroman De verzonken jongen ontving hij in België de Bronzen Uil 2011:
In zijn roman verhaalt Jan Vantoortelboom over zijn familiegeschiedenis waarin zijn grootvader Victor een centrale rol speelde. Die werd geboren in 1896 als enige zoon, nadat zijn moeder al vier dochters en vier dood geborenen op de wereld had gezet. Hij groeit op tot een stille, hardwerkende en krachtige jongeman met een gesloten, koppig en introvert karakter. Zijn mooie zus Lora is als kind steeds in de buurt, ontfermt zich over hem en maakt als cadeautje een houten roodborstje. Op het moment dat ze het hem geeft gebeurt er iets bijzonders.
De tweede verhaallijn is die van Stoffel en Bert, de kleinzoons van Victor die beiden misdienaar zijn en allerlei kattenkwaad uithalen. Vooral Bert is nergens bang van, behalve van zijn grootvader. Die heeft een diep wit litteken dat zijn gezicht in tweeën splitst, iets wat de jongens fascineert, maar waarover hun ouders niets kwijt willen en dat blijft een goed bewaard familiegeheim. Maar in het katholieke Elverdinge doen roddel en achterklap hun langzame maar zekere sloopwerk zodat de jongens (en de lezers) stilaan maar zeker kennis krijgen van de duistere geschiedenis die het lot van Victor, Lora en de andere familieleden zo sterk zal tekenen.
Wàt een verhaal, enerzijds een boek dat leest als een jongensboek anderzijds is het een triest verhaal. Ik werd op het boek geattendeerd door een bibliotheekbezoeker. Hij raadde mij het boek aan en het heeft mij werkelijk gegrepen. Regelmatig heb ik moeten lachen om de beschrijvingen en belevenissen van de broers Stoffel en Bert... 
Titel : De verzonken jongen
Auteur: Jan Vantoortelboom
Uitgeverij : Contact
Jaar van Uitgave : 2011 
Blz. : 301 (yg)


yg