dinsdag 29 mei 2018

De trooster van Esther Gerritsen


Voor deze klooster/retraiteroman verbleef Esther Gerritsen een tijdje in een klooster om te waarnemen. Jacob is geen priester, maar een inwonende koster, en hij stelt zichzelf uitvoerig aan de lezer voor. Iemand met een mismaakt gezicht, die na een mislukte relatie besloten heeft dat hij liever alleen leeft, en die uiteindelijk door de broeders wordt opgenomen. Zijn intrek ‘was een onvervalst thuiskomen en al was het geen officiële intrede, voor mij was het niets minder dan dat.’
Geheel tegen de regels van het klooster in wordt een nieuwe gast opgevangen door Jacob, de conciërge. Aanvankelijk stelt Jacob, zich bewust van
de hiërarchie binnen de orde, zich terughoudend op. Maar gaandeweg groeit er een verstandhouding tussen de gelovige conciërge en de gast die een metoo verhouding op zijn geweten heeft.

Esther Gerritsen volgt het verhaal van de conciërge parallel aan het lijdensverhaal van Christus. Op de haar bekende scherpe manier ontleedt ze de relaties tussen mensen, de verwachtingen en belangen die daarbij spelen en ze stelt de vanzelfsprekendheid der dingen ter discussie.
Een reactie posten